• 1 arrow
  • 2 arrow
  • 3 arrow
  • 4 arrow
  • 5 arrow
  • 6 arrow
image description

Wat is je salaris in
het onderwijs?

start

Wat is je salaris in het onderwijs?

In zes stappen weet je het!

Onderwijsnieuws

  • Geen zicht op besteding geld voor passend onderwijs

    07 dec  Het is onduidelijk waaraan het geld voor extra ondersteuning aan zorgleerlingen wordt besteed en hoeveel kinderen extra zorg krijgen. AOb-voorzitter Liesbeth Verheggen pleit voor het vastleggen van basiszorg in de wet, zodat duidelijk is aan welke zorgvragen iedere school moet voldoen. 
    Lees meer >

      ‘Het is een oplossing voor veel problemen’, schrijft Verheggen in een brief aan de Tweede Kamer. Volgende week debatteert de Kamer over passend onderwijs. Het recente rapport van de Onderwijsraad zal dan ook worden besproken waarin de raad onder meer waarschuwde voor het gebrek aan juiste data over het aantal leerlingen dat extra ondersteuning krijgt.    Zinvol uitgeven Wanneer de basiszorg in de wet staat, is het voor scholen duidelijk wat ze uit hun normale onderwijsbudget moeten betalen voor basisondersteuning en welk geld er nodig is voor extra ondersteuning. Volgens Verheggen vult elk samenwerkingsverband passend onderwijs nu op een eigen manier in. ‘Er is geen zicht op de zorg die via passend onderwijs wordt geboden’, schrijft Verheggen. ‘Het is onacceptabel dat schoolbesturen beschikking hebben over miljoenen euro’s terwijl ze niet inzichtelijk hoeven te maken of ze het zinvol uitgeven.’   Gisteren bleek dat samenwerkingsverbanden het geld voor passend onderwijs lang niet altijd uitgeven. De afgelopen anderhalf jaar bleef er 111 miljoen euro liggen. In Onderwijsblad 18 schreef intern begeleider Susan Putten in een opiniestuk al dat het geld voor passend onderwijs verdwijnt. Veel geld voor passend onderwijs lekt weg via bestuurlijke kleilagen, concludeerde zij. Putten schrijft dat er door samenwerkingsverbanden amper verantwoording wordt afgelegd over de kwaliteit en inzet van het geld.  Als samenwerkingsverbanden alleen over een beperkt deel van het zorgaanbod knopen moeten doorhakken, schrijft Verheggen, kan het ministerie van Onderwijs ook veel sneller zien waar het geld op de plank blijft liggen voor specialistische ondersteuning.    Einde aan onduidelijkheid Voor ouders en scholieren betekent basiszorg het einde aan alle onduidelijkheid. Nu zijn er grote regionale verschillen. ‘Dat werkt rechtsongelijkheid in de hand’, volgens Verheggen. ‘Basiszorg schept orde en verminderd de ruis van alledag. Het kan dan weer gaan over de leerling.’    Lees de hele brief van AOb-voorzitter Liesbeth Verheggen hieronder als PDF-document. 
    Sluiten <

  • Hoofdbestuurder Trudy Kerperien vicepresident ETUCE

    07 dec  Hoofdbestuurder internationale zaken Trudy Kerperien is vandaag gekozen als vicepresident van de European Trade Union Committee for Education (ETUCE), een Europese koepel van onderwijsvakbonden. Kerperien werd gekozen op de conferentie in Belgrado die nog tot 8 december duurt.  
    Lees meer >

      De ETUCE vertegenwoordigt 131 onderwijsvakbonden uit 48 verschillende landen en praat op Europees niveau over de belangen van leraren. De commissie is de sociale partner van de Europese Commissie. Kerperien is al jaren actief voor de AOb op internationaal niveau. “Er zijn weinig landen waar ik niet ben geweest. Daarom was mijn verkiezing ook niet spannend. Ik wist dat ik veel steun had.”    Leren over andere landen Kerperien neemt na vier jaar het stokje over van Walter Dresscher, oud-voorzitter van de AOb. “Je leert veel over hoe het in andere landen gaat”, zegt Dresscher. “Daardoor begrijp je beter wat er in Nederland gebeurt. Ook de solidariteitsgedachte vind ik belangrijk. Een basisgedachte van de vakbeweging. Met dit soort internationale netwerken kun je dat in de praktijk brengen.” Dresscher zette zich de afgelopen jaren in voor de lobby bij de Europese Commissie. “Die is heel goed georganiseerd, daar hebben we hard voor gewerkt.”    Ook werkte de oud-voorzitter aan de sociale dialoog van de Europese Commissie. “Het doel is dat er afspraken worden gemaakt op Europees niveau tussen onderwijswerkgevers en onderwijsvakbonden. Hier komen veel projecten uit voort, bijvoorbeeld: de gezonde werkplaats”, zegt Dresscher.    Besluitvorming Voor de AOb is de ETUCE belangrijk, omdat veel zaken die ons onderwijs raken op Europees niveau worden besloten. Kerperien: “Het is belangrijk om vroeg in het proces betrokken te zijn bij de besluitvorming en invloed uit te oefenen.”    De komende vier jaar is er veel te doen, denkt Kerperien. “Er spelen veel dingen in Europa. Wat ik bijvoorbeeld een belangrijk onderwerp vind, is dat alle bonden hun inbreng kunnen hebben. Ook de niet voor de hand liggende bonden. Hier zijn al goede stappen in gezet, er wordt bijvoorbeeld nu meer rekening gehouden met bonden waar het gebruik van de Engelse taal niet vanzelfsprekend is. De Oost-Europese bonden zijn hier een voorbeeld van. Hun positie zou versterkt kunnen worden. Op het niveau van de AOb wil ik meer betrokkenheid bij wat de ETUCE doet. Het is belangrijk dat de onderwerpen die op Europees niveau op de agenda staan breder binnen de AOb worden besproken." Foto: Walter Dresscher (rechts), oud-voorzitter AOb, feliciteert AOb-medewerker Trudy Kerperien (midden) met haar nieuwe functie als vicepresident van de ETUCE. 
    Sluiten <

  • Onderzoek MBO-raad: ‘Mbo gaf meer geld uit aan docenten’

    07 dec  Mbo-instellingen gaven in 2015 meer geld uit aan personeel in de klas dan het voorgaande jaar. De formatie docenten en instructeurs groeide tussen 2014 en 2015 met 11,8 procent. De scholen gaven in 2015 bijna 71 procent van hun hele budget uit aan personeel. 
    Lees meer >

      Dat blijkt uit de benchmark mbo die accountantsbureau PWC samen met de MBO-raad maakte en onlangs publiceerde. De raad vertegenwoordigt de schoolbesturen in het mbo. Bijna alle roc’s deden mee, net als vakscholen en aoc’s.  Vorig jaar waren er 3.438 voltijdbanen meer voor personeel in de klas dan in 2014. De benchmark voegt docenten en ‘direct onderwijsondersteunend personeel’ samen tot één categorie. Hun aandeel in de totale personeelsuitgaven steeg met een half procentpunt naar 83,1 procent.   ‘2015 was een jaar waarin de scholen opnieuw hebben ingezet op verbetering van het primair proces door meer middelen vrij te maken voor onderwijspersoneel’, aldus de onderzoekers in het rapport. De woordvoerder van de werkgeversorganisatie MBO-raad laat weten dat het aantal studenten per docent is gedaald van 16,5 naar 15,3.    Meer lesuren De toename van onderwijzend personeel heeft te maken met het plan Focus op Vakmanschap dat sinds augustus 2016 wordt uitgevoerd. “Eén van de maatregelen was om van 850 lesuren naar 1000 uur te gaan. Dat zie je terug in het aandeel van het personeel”, aldus de woordvoerder.   PWC concludeert in dit rapport dat het studentaantal daalde afgelopen jaar. Al vanaf 2011 is die daling te zien. De onderzoekers schrijven dat scholen daarom alert moeten zijn.    Financiën De financiën in het mbo werden ook onder de loep genomen. In 2015 hield de mbo-sector 178,4 miljoen euro over. Volgens de onderzoekers komt dit door de late uitbetaling van de ‘kwaliteitsmiddelen’ om het onderwijs te verbeteren. Pas laat werd bekend om hoeveel geld het ging, scholen hebben daarom niet alles besteed. Zeven scholen van de 64 hadden een negatief resultaat. 
    Sluiten <

  • Miljoenen voor zorgleerlingen blijven liggen

    06 dec  Samenwerkingsverbanden hebben de afgelopen anderhalf jaar 111 miljoen euro niet besteed. Die miljoenen waren bedoeld om zorgleerlingen extra te ondersteunen. ‘Met dat geld hadden we heel wat kinderen kunnen helpen’, stelt staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs.
    Lees meer >

      Vandaag stuurde Dekker een brief aan de Tweede Kamer over de voortgang van passend onderwijs. Sinds de invoering in 2014 moeten scholen elk kind een onderwijsplek aanbieden en hebben ze een zorgplicht. Scholen werken daarom samen in een regionaal samenwerkingsverband en krijgen via het samenwerkingsverband geld om kinderen met bijvoorbeeld autisme of gedragsproblemen te ondersteunen.    Vorig jaar kregen die samenwerkingsverbanden 1,16 miljard euro. Uit een analyse van de jaarstukken 2014 en 2015 blijkt nu dat veel geld is blijven liggen: 9 procent van het budget in het basisonderwijs is niet uitgegeven. In het voortgezet onderwijs gaat het om 10 procent.    In de bijlage bij de brief staat een overzicht van de uitgegeven budgetten per samenwerkingsverband. Daarin is te zien dat bij sommige samenwerkingsverbanden meer dan een kwart van het budget niet is uitgegeven. Hoewel Dekker wat reserve verstandig vindt, zijn deze buffers te fors. ‘Dit geld moet rollen. Het is er tenslotte voor de kinderen’, aldus de staatssecretaris.    Welke samenwerkingsverbanden lieten geld liggen?  Top vijf primair onderwijs 1. Stichting Passend Primair onderwijs Delft e.o: 28% 2. Samenwerkingsverband Passend Primair onderwijs Rotterdam: 27% 3. Stichting samenwerkingsverband Passend onderwijs IJmond: 25% 4. Stichting Samenwerkingsverband Passend Primair onderwijs Dordrecht: 20% 5. Samenwerkingsverband Passend Primair onderwijs Oosterschelderegio: 19% Top vijf voortgezet onderwijs 1. Stichting SWV VO Waterland: 39% 2. Vereniging SWV VO Amsterdam: 33% 3. Bestuur SWV PVO Dordrecht: 31% 4. Samenwerkingsverband passend onderwijs voortgezet onderwijs 22.01: 25%  5. Vereniging SWV VO West-Friesland: 22%   Hieronder staat een overzicht van alle samenwerkingsverbanden en hoeveel geld ze niet hebben besteed.    Om te zorgen dat samenwerkingsverbanden het geld wel gaan uitgeven, gaat de inspectie in gesprek met de schoolbesturen. Ook komen er informatiebijeenkomsten over hoe jaarverslagen inhoudelijk beter kunnen. Waarom er reserves worden aangehouden, moet namelijk goed onderbouwd zijn in het jaarverslag. Dat gebeurt nu nog te vaak niet.    Nog niet klaar De staatssecretaris vindt passend onderwijs nog niet klaar. Zo wordt er op veel plekken nog onnodige bureaucratie ervaren, voelen lang niet alle leraren zich toegerust om passend onderwijs te geven, ontwijken scholen soms nog de verplichte zorgplicht en zijn er nog steeds 4200 kinderen die langer dan drie maanden thuiszitten.    Lees de Kamerbrief en alle bijlagen via deze link.
    Sluiten <